Invulformulier

Heeft u een opgeslagen bestand?

Voor welke taal wilt u de Quickscan gebruiken?

Voor wat voor examen wilt u de Quickscan gebruiken?

Bevat het examen een beoordelingsmodel?

Is er bij dit examen een gespreksleider of gesprekspartner betrokken?

i
Persoon die in een gespreksexamen het gesprek voert met de kandidaat. Bij voorkeur de docent die ook examenleider is, op sommige scholen de taalassessor (bij 1:1 afname). Het kan ook een andere kandidaat zijn. Ook gespreksleider genoemd.

Zijn er tijdens de afname toehoorders aanwezig?

i
Toehoorders zijn personen die luisteren naar een kandidaat die een spreekopdracht uitvoert. Ze worden niet beoordeeld en dienen zich te houden aan de aan hen verstrekte informatie.

Welke informatie heeft u in de verantwoording opgenomen?

i
Een document behorend bij het examen, waarin keuzes met betrekking tot het examenproces en de examenbeoordeling worden onderbouwd en beschreven. Voor de verschillende talen kunnen verschillende keuzes worden gemaakt.

Naam Opleiding?

Code Opleiding?

Naam examen

Code examen in examenplan?

i
Het examenplan geeft inzicht in hoeveel examens, met welk soort examens, wanneer en waar (school of praktijk) de examens worden afgenomen.

Vaardigheid?

Taalniveau?

examenvorm(en) en mogelijke combinaties van vaardigheden?

aantal opdrachten/vragen?

aantal beoordelingscriteria?

i
Maatstaf aan de hand waarvan de beoordeling plaatsvindt. Binnen de taalexaminering enerzijds criteria gebaseerd op de inhoud, anderzijds op de taaltechnische aspecten uit het referentiekader. Zie beoordelingsaspecten.

cesuur en de totstandkoming van de cesuur?

i
De cesuur is de minimale score voor een voldoende resultaat.

Beschikbare tijd?

Verwijzing naar protocol van de instelling over examinering voor speciale doelgroepen?

Is het proces van constructie en vaststelling van taalexamens eenduidig beschreven en vastgelegd?

Worden de taalexamens ten minste jaarlijks geГ«valueerd en bijgesteld?

i
In de evaluatie van een examen kunnen onder andere de volgende vragen onderzocht worden: Hebben kandidaten voldoende tijd om het examen te maken? Voldoende de gespreksleider, gesprekspartner, examenleider, assessor etc. aan de door de instelling hiervoor gestelde eisen? Toetst het examen wat we willen weten (validiteit)? Klopt de moeilijkheid van de examenopdrachten met uw verwachtingen? Wat is de uitkomst van de enquГЄtes die u eventueel hebt afgenomen bij verschillende betrokkenen (zoals kandidaten, beoordelaars, examenleiders (proces verbaal). Wat betekent dat voor de eventuele aanpassing van het examen?

Heeft de school een omschrijving van de criteria waaraan constructeurs moeten voldoen?

Worden de geconstrueerde examens door ten minste één andere collega gescreend?

Heeft de school een omschrijving van de criteria waaraan vaststellers moeten voldoen?

Gebruikt uw school bij het screenen en vaststellen van het examen een checklist?

i
Het proces van borgen van examenkwaliteit door vaststellingscommissie van de eigen instelling. NB: In 2018 zal de MBO Raad een generieke vaststellingslijst beschikbaar stellen voor alle mbo-examens. Te zijner tijd zal er op deze plek een link naar deze lijst worden geplaatst.

Welke onderdelen bevat het examenboekje voor de kandidaat ?

i
Dit onderdeel is het feitelijke examen. De kandidaat ontvangt dit, samen met algemene informatie over het examn (op het voorblad). De kandidaat levert dit ook weer in.

korte instructie bij het examen

beschrijving van een voor de kandidaat herkenbare context waarin de taaltaak wordt uitgevoerd

i
Een realistische taak in een zo authentiek mogelijke context, die moet leiden tot een concreet geschreven of gesproken product (productief) of resultaat in termen van begrip (receptief). Er is sprake van een open situatie , waarin studenten zelfstandig moeten functioneren in de doeltaal. Met een examen wordt de uitvoering van één of meerdere taaltaken beoordeeld. Soms wordt ook de term вЂ˜taalhandeling’ gebruikt.

opdracht die eenduidig geformuleerd is

opdracht die op het juiste taalniveau is geschreven

opdracht die het beoogde taalniveau (2F/3F/A2/B1) uitlokt

beschrijving van de wijze waarop het examen wordt beoordeeld

eisen waaraan de uitwerking van de kandidaat moet voldoen

te behalen scores, hoe die scores te behalen zijn en welke score tot een voldoende leidt

Gebruikt u in uw examens binnen uw opleiding zoveel mogelijk eenduidige formuleringen en -begrippen?

Welke beoordelingsaspecten uit het Referentiekader taal staan in het beoordelingsmodel?

i
Kenmerken van de taakuitvoering die beoordeeld worden – voor de talen afkomstig uit het Referentiekader Nederlandse taal (voor Nederlands) en het Europees Referentiekader (voor Engels) bij een instellingsexamen - bijv. woordenschat, grammatica, spelling, samenhang/coherentie.

Samenhang

Afstemming op doel

Afstemming op publiek

Woordgebruik en woordenschat

Spelling, leestekens en grammatica

Leesbaarheid

Anders

Welke beoordelingsaspecten uit het Referentiekader taal staan in het beoordelingsmodel?

i
Kenmerken van de taakuitvoering die beoordeeld worden – voor de talen afkomstig uit het Referentiekader Nederlandse taal (voor Nederlands) en het Europees Referentiekader (voor Engels) bij een instellingsexamen - bijv. woordenschat, grammatica, spelling, samenhang/coherentie.

Samenhang

Afstemming op doel

Afstemming op publiek

Woordgebruik en woordenschat

Vloeiendheid

Verstaanbaarheid en grammaticale beheersing

Anders

Welke beoordelingsaspecten uit het Referentiekader taal staan in het beoordelingsmodel?

i
Kenmerken van de taakuitvoering die beoordeeld worden – voor de talen afkomstig uit het Referentiekader Nederlandse taal (voor Nederlands) en het Europees Referentiekader (voor Engels) bij een instellingsexamen - bijv. woordenschat, grammatica, spelling, samenhang/coherentie.

Beurten nemen en bijdragen aan samenhang

Afstemming op doel

i
Kenmerken van de taakuitvoering die beoordeeld worden – voor de talen afkomstig uit het Referentiekader Nederlandse taal (voor Nederlands) en het Europees Referentiekader (voor Engels) bij een instellingsexamen - bijv. woordenschat, grammatica, spelling, samenhang/coherentie.

Afstemming op gesprekspartner

Woordgebruik en woordenschat

Vloeiendheid

Verstaanbaarheid en grammaticale beheersing

Anders

Welke beoordelingsaspecten uit het Europees Referentiekader staan in het beoordelingsmodel?

Woordgebruik en woordenschat

Grammaticale correctheid

Coherentie

Spelling en interpunctie

Anders

Welke beoordelingsaspecten uit het Europees Referentiekader staan in het beoordelingsmodel?

Woordgebruik en woordenschat

Grammaticale correctheid

Coherentie

Vloeiendheid

Uitspraak

Anders

Welke beoordelingsaspecten uit het Europees Referentiekader staan in het beoordelingsmodel?

Woordgebruik en woordenschat

Grammaticale correctheid

Coherentie

Vloeiendheid

Uitspraak

Interactie

Anders

Welke onderdelen bevat de instructie voor de beoordelaar?

informatie over de rol van de beoordelaar

eisen die worden gesteld aan de beoordelaar (bijv. vakdocent Nederlands met certificaat Taalassessor)

duur van de beoordeling

voorbereiding

benodigd materiaal

Bevat het beoordelingsmodel een 2-puntsschaal of een 3-puntsschaal?

Zijn de schaalpunten (0, 1, 2) van het beoordelingsmodel omschreven?

Wegen alle beoordelingsaspecten gelijk mee in het eindresultaat?

Is de keuze om sommige aspecten een zwaardere weging te geven dan andere vastgelegd in het verantwoordingsdocument?

Bevat het beoordelingsmodel een omzettingstabel van scorepunten naar cijfer?

Is in de omzettingstabel aangegeven waar de cesuur voor het examen ligt?

Hanteert uw school de cesuur uit de voorbeeldformats van het Steunpunt taal en rekenen?

Is in het examenreglement vastgelegd hoe het eindcijfer voor het gehele instellingsexamen wordt bepaald?

Welk scenario is op de weging van de drie vaardigheden in het eindcijfer voor het instellingsexamens van toepassing?

Vindt er bij u op school stelselmatig overleg plaats tussen beoordelaars om ervoor te zorgen dat er overeenstemming is over de wijze van beoordelen van het examen?

Welke onderdelen bevat de instructie voor de examenleider?

wat de kandidaat moet doen

wat de rol van de examenleider is

waar het examen wordt afgenomen

eisen aan de inrichting van de locatie

duur van de afname

benodigd materiaal

toegestane hulpmiddelen

overige aandachtspunten

voorzieningen voor dyslectische studenten, NT2-kandidaten en andere speciale doelgroepen

Welke onderdelen bevat de instructie voor de gespreksleider of gesprekspartner?

i
Persoon die in een gespreksexamen het gesprek voert met de kandidaat. Bij voorkeur de docent die ook examenleider is, op sommige scholen de taalassessor (bij 1:1 afname). Het kan ook een andere kandidaat zijn; ook gespreksleider genoemd. In het geval van een afname van twee kandidaten die met elkaar in gesprek gaan, is het noodzakelijk dat de examenleider ervoor zorgt dat beide kandidaten even veel kansen krijgen om aan het woord te komen zodat er voor beide kandidaten voldoende taalproductie ligt om een betrouwbaar oordeel over het niveau te geven.

rol gespreksleider

eisen gespreksleider

voorbereiding

gespreksleidraad

Welke onderdelen bevat de informatie voor de toehoorders?

i
Toehoorders zijn personen die luisteren naar een kandidaat die een spreekopdracht uitvoert. Ze worden niet beoordeeld en dienen zich te houden aan de aan hen verstrekte informatie.

rol toehoorders

eisen toehoorders

voorbereiding

Einde formulier